Turbulentie voor de Franse kust: Alstom en Areva gaan offshore

Joannette Polo-Leemreis, IA Frankrijk

Inleiding

Twee consortia hebben bij de tender voor vijf windparken op zee die de Franse regering in 2011 uitschreef, een totaal van vier parken in de wacht gesleept. Het vijfde park, bij Le Tréport, is nog niet vergeven. Bij de tender ging het aanvankelijk om een geschatte investering van 10 miljard euro voor 600 turbines in vijf zones: Le Tréport (750 MW), Fécamp (500 MW), Courseulles-sur-Mer (500 MW), Saint-Brieuc (500 MW) en Saint-Nazaire (750 MW). De zone Le Tréport wordt bij de volgende tender in de loop van het jaar opnieuw opengesteld.
De turbines voor de vier windparken worden door twee Franse concurrenten geleverd, Areva en Alstom. Beiden gaan hiervoor een aantal fabrieken bouwen op locaties dichtbij de windparken. Dit was opgenomen in het pakket van eisen van de Franse regering.

De twee consortia zijn als volgt samengesteld:

  1. EDF Énergies Nouvelles (EDF EN), met Dong Energy, Nass & Wind, WPD Offshore, Poweo en Alstom als leverancier van turbines. Dit consortium werd voor drie windparken geselecteerd, bij Fécamp, Courseulles-sur-Mer en Saint-Nazaire.
  2. Iberdrola, Eole Res, Technip en het bedrijf Neoen Marine met Areva voor de turbines. Dit consortium heeft één windpark binnengehaald, namelijk dat bij Saint Brieuc.
Kaart resultaat Franse tender wind offshore

Hoge en krachtige turbines

De modellen van Areva en Alstom zijn enorm, zo’n 170 à 180 meter hoog (boven zeeniveau) en 400 à 700 ton zwaar, de funderingsstructuur niet meegerekend.

Voordat de uitslag bekend werd, merkte de Franse pers op dat de beperkte impact van de toekomstige windparken waarnaar men streefde en dus het beperkte aantal turbines, gunstig was voor de Franse turbinebouwers Areva en Alstom. Zij bieden immers machines van 5 en 6 MW aan terwijl de buitenlandse concurrentie eerder 3 à 4 MW aanbiedt. Kortom, boze tongen zeggen dat de tender de Franse turbinebouwers op het lijf geschreven was zonder dat de regels van Brussel overtreden werden.

De Multibrid turbine van AREVA

De turbine van Areva heet M5000 (Multibrid). In september 2007 heeft Areva 51% en later de resterende 49% van het kapitaal van het Duitse Multibrid gekocht, gespecialiseerd in ontwerp en bouw van off shore turbines. De mast is 130 meter lang en het totale gewicht 349 ton. De rotor heeft drie bladen van ieder 16,5 ton. De 5MW turbine is geschikt voor windsnelheden van 4 tot 25 meter per seconde.

De Areva Multibrid 5000

De Areva Multibrid M5000

Areva schat in dat de aanleg van het windpark op zee zo’n twee jaar gaat duren en dat er 450 mensen bij betrokken zijn. Het Franse bedrijf heeft al een schip gereserveerd om er zeker van te zijn de beschikking te hebben over het juiste schip op het juiste moment.

Voorts heeft Areva gepland twee grote fabrieken te bouwen in een zone van 50 ha bij Le Havre. Areva bezit nu twee fabrieken in Duitsland, in Bremerhaven en in Stade. Daar staat bijvoorbeeld in de assemblagehal in de fabriek van Bremerhaven een driepoot, zo hoog als een flatgebouw van 10 etages. Het stalen monster van 750 ton, gemaakt door Weserwind, is in feite de toekomstige onderzeese fundering voor de turbines die Areva momenteel in Duitsland produceert.

Alstom : 6 MW Haliade 150  

Op 19 maart 2012 inaugureerde Alstom ‘s werelds grootste offshore wind turbine in aanwezigheid van de Franse minister van Industrie Eric Besson en Patrick Kron, voorzitter en CEO van Alstom.

De innovatieve 6 MW Haliade direct drive-turbine van Alstom is geschikt voor alle offshore condities. De machine is gebaseerd op het Alstom Pure Torque® design waarmee Alstom betrouwbaarheid garandeert en dus lagere kosten voor zijn offshore energie belooft. De Haliade 150 wind turbine ontwikkelde Alstom speciaal in het kader van de Franse tender voor de installatie van 3GW offshore wind voor de Franse kust.

Ter voorbereiding van de certificatie zal de eerste Haliade 150 een jaar lang een aantal testen op land ondergaan in Carnet en vervolgens zal een tweede exemplaar in het najaar van 2012 in zee voor de Belgische kust geplaatst worden. De eerste pre-productieseries staan gepland voor 2013 en de start van de serieproductie in 2014. Voor de bladen werkt Alstom samen met LM Wind Power.

Dit gebeurt samen met LM Wind Power in Cherbourg. De start daarvan staat gepland voor 2016. Deze twee fabrieken zullen goed zijn voor 500 directe arbeidsplaatsen bij een jaarlijkse productie van honderd series van drie bladen.

De Alstom Haliade 150 windturbine

De Alstom Haliade 150 windturbine

De Alstom Haliade

Klik op de foto voor de film van de installatie van de eerste Haliade voor testen op land in Carnet.

Twee Nederlandse bedrijven

Op de film valt duidelijk te constateren dat er twee Nederlandse bedrijven bij de installatie betrokken zijn geweest. Enerzijds Muller Dordrecht, gespecialiseerd in transport over water van zeer zware stukken. Anderzijds Smulders Group, specialist in grote stalen onderdelen als masten en funderingen.

Alstom rekent op een investering die kan oplopen tot 100 miljoen euro. Het voorziet om in Saint Nazaire een fabriek te bouwen om er de nacelles te assembleren en de alternators te maken en in Cherbourg de bladen. De fabrieken krijgen ieder een capaciteit van 100 machines per jaar. Ze zullen in 2015 operationeel zijn voor de alternators en in 2016 voor de nacelles. Het geheel levert 300 directe arbeidsplaatsen opleveren, aldus Alstom.

R&D centrum offshore wind Alstom

Maar Alstom gaat ook een technologie- en R&D-centrum in de regio Pays de la Loire vestigen waar 200 mensen zich uitsluitend gaan wijden aan het thema offshore windenergie. Het zal het eerste en enige kenniscentrum van Frankrijk in zijn soort zijn.


Harde strijd tussen de turbinebouwers Alstom en Areva 

Tot het laatste moment heeft de strijd geduurd tussen de turbinebouwers Alstom et Areva. Want om de bouw van de fabrieken rendabel te maken moest er wel een volle orderportefeuille zijn.

Voor Alstom ziet de situatie er goed uit met drie windparken in de portefeuille. Alstom gaat zijn sterke Haliade 150 deels in Saint Nazaire assembleren (generators en nacelles) en deels in Cherbourg (masten en bladen). Het was duidelijk dat EDF en Alstom het meest gevorderde industriële plan gepresenteerd hebben. Dat aspect telde voor 40% mee bij het rapportcijfer in de tender.

Areva heeft alleen de site voor Saint-Brieuc gekregen maar gaat toch twee beloofde fabrieken bouwen in de haven van Le Havre (Seine-Maritime). Het is lastig om af te zien van de bouw van een fabriek waarvan de verwachtingen torenhoog zijn in een regio met een grote werkeloosheid.
De aanwezigheid van Iberdrola in het consortium van Areva is geen toevallige zaak. Het Spaanse bedrijf heeft immers al flink voet aan de grond in het VK, de grootste offshore markt van de komende tien jaar met meer dan 20.000 MW op het programma. Areva hoopt op die manier ook in het VK een flink marktaandeel in met name zuid-west Engeland te pakken. De voorzitter van Areva Luc Oursel heeft in een brief aan minister Besson van Industrie verzekerd dat alle M5000 turbines (5 MW) in Le Havre gebouwd zullen worden. En niet in Bremerhaven of Stade (Duitsland). Hij meent dat er in Frankrijk genoeg plaats is voor twee grote industriële turbinebouwers.
Temeer daar Frankrijk nu gaat experimenteren met twee verschillende technologieën, mét (Areva) en zonder (Alstom) versnellingsbak.

UCN MECA

Een aantal toeleverende bedrijven heeft al ingespeeld op de nieuwe ontwikkelingen in de wind offshore sector. Zo heeft het bedrijf UCN Meca 1,3 miljoen euro geïnvesteerd in een nieuw gebouw. Het bedrijf telt 75 medewerkers en is gespecialiseerd in metaalbewerking van kleine onderdelen. Het risico is niet bijzonder groot omdat de meeste toeleveranciers in de betrokken regio’s reeds contacten hebben lopen met de twee bouwers.


%d bloggers liken dit: